Onze methodeschool steunt op de 3 pijlers van het Daltononderwijs:

verantwoordelijkheid

Verantwoordelijkheid

Daltononderwijs hanteert een vaste structuur. Eerst duidelijke les en instructie. Dan leren kinderen, geleidelijk en volgens een uitgewerkte leerlijn, zelf kiezen hoe ze de leerstof verwerken, in dag- of weektaken, in moet- of mag-taken, in keuzetaken... Ze voelen zich verantwoordelijk voor zichzelf, maar zijn ook sociaal gericht naar de anderen.

zelfstandigheid

Zelfstandigheid

De nadruk ligt op zelfontdekkend leren. Onder begeleiding van de leerkracht leren ze steeds meer en beter zelfstandig werken. Ze zijn actief en gemotiveerd bezig, alleen of in groep. Ze zoeken zelf oplossingen of vragen of geven hulp.

samenwerken

Samenwerken

In de Daltonschool leren kinderen respectvol met elkaar samenwerken. Typisch is het zgn. 'maatjeswerk', waarbij ze al van jongsaf positief en verdraagzaam omgaan met diversiteit in de dagelijkse praktijk. Onze leuze: ' Je moet niet met iedereen vriendje zijn, maar je kan wel met iedereen samenwerken'.

Typisch dalton

  • De dag begint met een praatronde over wat er leeft bij de kinderen. Regelmatig en zeker bij het afsluiten van de dag zijn er reflectiemomenten met nadruk op positieve waardering, maar ook verbeterpunten komen aan bod.
  • Zelfstandig werken wordt aangeleerd met behulp van symbolen zoals individuele kleurdobbelstenen en klassikale verkeerslichten om aan te duiden: hulp vragen, niet storen, even wachten.
  • Verwerking van de klassikale instructie gebeurt door middel van de ‘daltontaak’. De taakbrief evolueert van korte taken in de kleuterschool, dagtaken in de lagere school en langzaam opbouwend naar weektaken of uiteindelijk projecten.

Ruime klassen

  • Daltononderwijs heeft behoefte aan ruime lokalen. De instructieruimte is nodig voor het klassikaal
    lesgeven.
  • Daarnaast moeten er rustige werkruimtes zijn om de taken uit de taakbrief binnen een afgesproken tijd af te werken.
  • Ook uitdagende keuzetaken moeten in een aangepaste hoek kunnen uitgevoerd worden zodat kinderen zich extra kunnen verdiepen of waar hun talenten verder ontwikkeld kunnen worden.

Graadklassen

  • De leerlingen zijn gegroepeerd per graad, maar krijgen toch les per leerjaar. Ze hebben een nauwe band met de leerkrachten en met elkaar, waardoor ze zich veilig voelen.
  • Om kinderen te leren constructief samen te werken, gebruiken we het systeem ‘maatjeswerk’, waarin ze afwisselend omgaan met andere klasgenootjes.
  • Ze voelen zich verantwoordelijk voor zichzelf, maar ook voor de anderen. Samen gemaakte afspraken worden gemakkelijker gerespecteerd.

inzetten op competentieontwikkeling

  • Leerkrachten hanteren zoveel als mogelijk werkvormen die bij de kinderen zelfontdekkend leren stimuleren. Ze zijn hun coach in het verkennen en ontdekken van de ‘buitenwereld’.
  • Door zelfstandig en op eigen tempo aan de slag te gaan met de leerstof kan elke leerling het maximum uit de eigen mogelijkheden halen. Maar niet zonder hulp. Hun ‘coach’ geeft hen daarbij aangepaste ondersteuning en advies.